In de onderstaande tabel is een vergelijking opgenomen tussen het werkelijke resultaat en het begrote resultaat over 2019.

Vergelijking werkelijke resultaat en begroot resultaat 2019

(in duizenden euro's)

 

Werkelijk

Begroot

Verschil

 

2019

2019

 

Opbrengsten

   

Loodsgelden

204.526

204.838

-312

Andere tarieven

93

85

8

Overige inkomsten

395

344

51

Opbrengsten exploitatierekening (10)

205.014

205.267

-253

    

Kosten

   

Arbeidsvergoeding loodsen (11)

96.393

95.149

1.244

Beloodsen en plannen (12)

71.400

70.394

1.006

Overige regionale kosten (13)

10.518

10.841

-323

Overige landelijke kosten (14)

15.524

15.230

312

Publiekrechtelijke beroepsorganisatie (15)

5.041

5.203

-162

Vermogensvergoeding (16)

8.116

8.449

-333

Totaal kosten

207.010

205.266

1.744

    

Exploitatieresultaat

-1.996

1

-1.997

De lagere omzet loodsgelden wordt enerzijds veroorzaakt door een lager aantal geloodste scheepsreizen dan begroot (1%) en door een lagere uitkering frequentiekorting dan begroot (6,7%).

Bij de kosten zijn de kosten arbeidsvergoeding voor de inzet registerloodsen € 1.244.000 hoger dan begroot. De vergoeding voor directe loodsuren is ondanks een lager aantal reizen 1,0% hoger dan begroot. Het aantal directe uren is lager dan begroot, maar het bedrag is nagenoeg gelijk. Dit duidt op in verhouding meer bruguren in de hogere scheepsklassen (9 in totaal) dan de lagere scheepsklassen ten opzichte van de begroting.

De vergoeding voor indirecte loodsuren is 3,5% hoger dan begroot. De toename wordt veroorzaakt door een combinatie van hogere beschikbaarheidsuren (€ 2.303.000) en door een afname van de IPL-taken (€ -125.000) en reis- en wachturen (-740.000). De toename van de beschikbaarheidsuren wordt voornamelijk veroorzaakt door een lager aantal verlofuren dan begroot, hierdoor ontstaat er een hogere capaciteit.

De kosten beloodsen en plannen zijn hoger dan begroot door hogere kosten bemanning vaartuigen. Door het toenemende aantal te beloodsen scheepsreizen van de afgelopen jaren, ontstonden in verschillende zeehavengebieden in toenemende mate capaciteitsproblemen in de varende dienst voor het vervoer van loodsen. Om aan de voorgenomen kwaliteit te kunnen blijven voldoen, heeft Nederlands Loodswezen in de loop van 2019 besloten om in de zeehavengebieden Delfzijl/Eemshaven, Rijnmond en Scheldemonden een grotere formatie tenderbemanning in te zetten, dan is opgenomen in de begroting 2019.

Financiële positie

De financiële positie op lange termijn

Voor de financiering van de bestaande vloot zijn langlopende leningen aangetrokken, waarvan de looptijden overeenkomen met de economische levensduur. Hierdoor is de financiering daarvan gedurende deze periode gewaarborgd. Het renterisico op deze leningen is afgedekt via rentederivaten (in de meeste gevallen via renteswaps en voor één lening via een collar (combinatie van een bij elkaar behorende rente-cap en rente-floor). De omvang en looptijden van de rentederivaten loopt exact gelijk op met de bijbehorende leningen.

Met de financiers is de afspraak gemaakt dat het eigen vermogen minimaal 28% van het balanstotaal bedraagt. Eind 2019 ligt dit op 35,0% waarmee aan deze eis wordt voldaan.

Op basis van de beschikbare financiële prognose wordt verwacht dat, rekening houdende met de geplande investeringen, ook de komende jaren aan de eisen van de financiers kan worden voldaan.

Financiële postitie op lange termijn

     

(Alle bedragen in € 1.000)

     

Balans

2019

2018

2017

2016

2015

      

Investeringen in MVA in het betreffende boekjaar

8.265

8.385

10.428

9.032

10.520

Geïnvesteerd bedrag in MVA ultimo boekjaar

114.838

122.360

129.825

134.954

141.959

      

Gemeenschappelijk vermogen korte termijn

9.042

12.414

11.793

8.492

18.946

Gemeenschappelijk vermogen lange termijn

49.844

49.483

50.338

51.092

45.741

Totaal gemeenschappelijk vermogen (= eigen vermogen)

58.886

61.897

62.131

59.584

64.687

      

Vaste activa

115.206

122.725

130.187

135.314

137.147

Vlottende activa

52.915

42.973

46.167

43.199

49.288

Balanstotaal

168.121

165.698

176.354

178.513

186.435

      

Solvabiliteit (Eigen vermogen / Balanstotaal)

35%

37%

35%

33%

35%

De financiële positie op korte termijn

De financiële positie op korte termijn is goed. Het netto werkkapitaal is positief en de current ratio is 2,14.

Financiële postitie op korte termijn

     

(Alle bedragen in € 1.000)

     

Balans

2019

2018

2017

2016

2015

      

Voorraden

3.074

3.000

2.851

3.101

2.305

Vorderingen en overlopende activa

14.218

13.851

12.322

11.086

10.229

Liquide middelen

35.623

26.122

30.994

29.012

36.754

Vlottende activa

52.915

42.973

46.167

43.199

49.288

      

Vlottende passiva

24.737

21.166

23.328

21.722

22.225

      

Nettowerkkapitaal (Vlottende activa -/- vlottende passiva)

28.178

21.807

22.839

21.477

27.063

      

Current ratio (Vlottende activa / vlottende passiva)

2,14

2,03

1,98

1,99

2,22

Het netto werkkapitaal eind 2019 is € 28,2 miljoen. Het eigen vermogen korte termijn is € 9,0 miljoen. Indien dit na het vaststellen van de jaarrekening 2019 wordt uitgekeerd, resteert nog een positief saldo van € 18,2 miljoen. Verder beschikt Nederlands Loodswezen over een tweetal rekening-courant faciliteiten van in totaal € 10,5 miljoen waarvan geen gebruik is gemaakt.

Nederlands Loodswezen kan ook op korte termijn aan haar financiële verplichtingen voldoen.

Op basis van de door het bestuur gemaakte analyse van de financiële positie en de meerjarenbegroting 2020-2023 is er geen reden te twijfelen aan de continuïteit en de mogelijkheid om de geplande investeringen die nodig zijn voor de toekomstige bedrijfsvoering te kunnen financieren. De onderkende key-risks kunnen in voldoende mate worden beheerst. In de jaarrekening 2019 is voor de waardering dan ook uitgegaan van het continuïteitsprincipe.

Het Nederlands Loodswezen is net als de hele wereld in 2020 geconfronteerd met de gevolgen van COVID-19 (coronavirus). Er is een crisisteam gevormd om maatregelen te nemen om de negatieve effecten te beheersen en de dienstverlening door de loodsen en de ondersteunende bedrijfsvoering bij het vervoer en de planning van loodsen en de ondersteunende functies in de walorganisatie zo veel als mogelijk ongestoord door te laten gaan.

Scheepvaartafwikkeling, waartoe het loodsen van zeeschepen behoort, is door de Rijksoverheid aangemerkt als vitaal proces voor Nederland en opgenomen op de lijst met deze processen. Vanuit de regionale besturen is er frequent overleg met de verantwoordelijke havenbeheerders om de afhandeling van de scheepvaart ook in deze crisis in goede banen te leiden. Dit alles heeft tot gevolg dat de continuïteit van de dienstverlening in hoge mate gewaarborgd is

COVID-19 zal, door een daling van het aantal te loodsen scheepsreizen en de daarmee samenhangende omzet en mogelijk beperkt hogere kosten naar verwachting een negatief effect op het resultaat 2020 hebben. Dit wordt door vennoten van de loodsenassociaties gedragen. Nederlands Loodswezen beschikt over een goede financiële positie en verwacht de activiteiten te kunnen voortzetten.

Verwachtingen voor 2020

 In onderstaande tabel is de exploitatierekening opgenomen van de diensten en taken van Nederlands Loodswezen die vallen onder artikel 27a van de Loodsenwet. Voor het jaar 2020 zijn de cijfers van het bijgestelde tariefvoorstel 2020 opgenomen, waarbij ook rekening is gehouden met de opbrengsten en kosten van het Nederlandse aandeel in de Scheldevaart:

De ontwikkeling van de omzet en rentabiliteit zijn afhankelijk van het scheepvaartaanbod.

(in duizenden EUR)

Begroot

Begroot

Werkelijk

 

2020

2019

2019

    

Opbrengsten

   

Loodsgelden

211.480

204.838

204.526

Andere tarieven

82

85

93

Overige inkomsten

359

344

395

Opbrengsten exploitatierekening

211.921

205.267

205.014

    

Kosten

   

Arbeidsvergoeding loodsen

100.104

95.149

96.393

Beloodsen en plannen

73.364

70.394

71.400

Overige regionale kosten

11.457

10.842

10.518

Overige landelijke kosten

14.948

15.229

15.542

Publiekrechtelijke beroepsorganisatie

6.185

5.204

5.041

Vermogensvergoeding

5.863

8.449

8.116

Totaal kosten

211.921

205.267

207.010

    

Exploitatieresultaat

0

0

-1.996

Hieronder volgt een korte toelichting op de betreffende posten:

De arbeidsvergoeding loodsen is voor een groot deel afhankelijk van het geraamd aantal te loodsen scheepsreizen. In 2020 wordt een geringe toename van het aantal reizen voorzien. De uurtarieven registerloodsen worden jaarlijks geïndexeerd met de CBS-index cao-lonen.

Onderstaand is een overzicht opgenomen van het aantal geloodste en te loodsen scheepsreizen over de periode 2015-2020 (inclusief bijzondere reizen). De prognose voor 2020 is op 96.139 te loodsen scheepsreizen gesteld. Dit aantal ligt circa 0,3% boven de realisatie over 2019 van 95.880 reizen.

Loodsen en medewerkers

Het aantal loodsen neemt in 2020 toe van 444 loodsen in 2019 naar 463 in 2020.

Het aantal medewerkers is voor 2020 begroot op 479,35 FTE (inclusief inhuur).

Investeringen

In onderstaande tabel zijn de cijfers van de investeringsbegroting 2020 samengevat:

Investeringen 2020

(in € 1.000)

    

Overzicht geraamde investeringen Loodswezen voor 2020:

    

A

Vaartuigen

  

A.1

Vervangingen in de vloot

  
 

Nieuwbouw tender

4.230

 
   

4.230

A.2

Diverse investeringen vaartuigen

  
 

Diverse investeringen grote loodsvaartuigen

1.383

 
 

Diverse investeringen Swath

0

 
 

Overige investeringen vaartuigen

1.035

 
   

2.418

   

6.648

B

Onroerend goed

  

B.1

Diverse renovaties van bestaande panden, steigers en pontons

 

652

   

652

C

Overige investeringen

  

C.1

Loodstechnische hulpmiddelen

  
 

Nautisch ondersteunende systemen

519

 
 

Portofoons, helipakken en reddingsvesten

581

 
   

1.100

C.2

ICT systemen (hard- en software)

  
 

Wijzigingen ICT-systemen (incl. SPIL en LIS)

2.450

 
   

2.450

C.3

Overige investeringen

  
 

Opleidingsmiddelen loodsen / diverse kleinere investeringen

468

 
   

468

   

4.018

    

Totaal generaal 2020

 

11.318

Voor 2020 is de desinvestering van twee tenders voorzien.

Financiering investeringen

Bij het opstellen van het vervangingsplan van de vloot voor de periode 2015-2030 en voor het aantrekken van de financiering voor de nieuwe tenders is een lange termijn prognose gemaakt voor de investeringen, de financiële positie en de financiering van Nederlands Loodswezen. De belangrijkste uitgangspunten daarin zijn:

  • De inbreng van een kapitaal van € 100.000 per loods eind 2015 bij een loodsenformatie van minimaal 425 loodsen.

  • De aangegane investeringsverplichtingen tot en met 2016 zijn gefinancierd via het beschikbare eigen vermogen en de aangegane leningen en beschikbare rekening-courant faciliteiten.

  • De gestelde solvabiliteitseis van de banken is 28%, waarbij eigen vermogen wordt gedefinieerd als eigen vermogen lang (kapitaalinbreng loodsen) en eigen vermogen kort (ingehouden winst ultimo boekjaar).

Op basis van de meest recente versie van de financiële meerjarenplanning kunnen de investeringen 2020 uit de beschikbare financiële middelen en kredieten voldaan worden en hoeven hiervoor geen nieuwe financieringen te worden aangetrokken.

Onderstaand overzicht geeft het verloop weer van de huidige externe langlopende financieringen.

Lening

Aflossing 2020

Saldo 31-12-2020

Aflossing 2021

Saldo 31-12-2021

     

Swath's ABN

283.334

-

-

-

Polaris ABN / BNG

1.100.000

12.100.000

1.100.000

11.000.000

Pollux ABN / BNG

1.100.000

13.200.000

1.100.000

12.100.000

Procyon ABN / BNG

1.000.000

13.000.000

1.000.000

12.000.000

Tenders Rabobank

960.000

6.480.000

960.000

5.520.000

     
 

4.443.334

44.780.000

4.160.000

40.620.000